Quest Psychologie 05/2012

 

Hippie inspireert leider van nu

De baas van nu is hij een inspirator. Hij is charismatisch, creatief en intuïtief. Managementtrainer en –coach Vincent Pieterse ontdekte hoe hippies uit de jaren zestig inspiratie bieden aan leiders van nu.

 

Hoe ziet de leider van vandaag eruit?
‘Premier Mark Rutte is een prachtig voorbeeld. Zijn altijd opgewekte en positieve houding is typerend voor de moderne leider. Met zijn uitstraling wil hij zeggen dat er geen problemen zijn maar uitdagingen. Als leider kijkt hij altijd vooruit en gaat hij voor haalbaar resultaat. Zeuren, twijfelen of fundamentele kritiek uiten passen niet in het moderne leiderschapsdenken.’
 

Wat is het grote verschil tussen hedendaagse leiders en hun voorgangers?
‘Kort gezegd was vroeger de baas zijn* wil wet, en nu niet meer. Als Rutte of een manager in het bedrijfsleven nu zou zeggen: ‘Ik ben de baas dus gebeurt alles zoals ik het zeg’, dan zou hij niets voor elkaar krijgen. Dergelijk hiërarchisch gedrag is achterhaald. De leider van vandaag is vooral een netwerker en zorgt voor visie. Op basis daarvan ontwikkelt hij* een missie en strategie. In tegenstelling tot een baas uit pakweg 1950 die streng toezag hoe zijn orders werden uitgevoerd, maakt het een leider nu niet zoveel uit hoe doelen bereikt worden. Áls ze maar bereikt worden. Dankzij zijn uitstraling en zijn verhaal krijgt hij alle neuzen in de gewenste richting.’
 

Waarom is de rol van de leider zo veranderd?
‘Dat heeft te maken met een algehele kentering in de maatschappelijke verhoudingen. Tot de Tweede Wereldoorlog was het leiderschap oude stijl gangbaar. Gezagdragers werden na de oorlog zelfs een tandje strenger, om de wederopbouw te bevorderen. Dat werkte verstikkend voor jongeren. Zij hadden tijdens de wetteloze oorlogsjaren de vrijheid geproefd en wilden die niet inleveren. Artistieke voorlopers gingen schoppen tegen de gevestigde orde. Geestverwanten als Cobra-kunstenaar Constant Nieuwenhuys schrijver Remco Campert en dichter Simon Vinkenoog vormden de literaire groep Vijftigers. Met hun artistieke kritiek pleitten zij voor bevrijding, creativiteit en autonomie. Daarmee hebben zij een verschuiving in de machtsverhoudingen bevorderd waardoor de ‘gewone man’ meer inspraak kreeg ten opzichte van de heersende elite.’


Wat heeft dat te maken met hedendaags leiderschap?
‘De manier van rebelleren door de Vijftigers en later door provo’s en hippies heeft als voorbeeld gediend voor later leiderschap.’
 

Hoe dan?
‘Er werden allerlei ludieke protestacties georganiseerd. Zo lanceerden de provo’s het bekende witte-fietsen-plan. Dat behelsde vrij gebruik van gratis fietsen voor iedereen in Amsterdam, om zo de luchtvervuiling in de stad tegen te gaan. Studente Koosje Koster deelde op straat gratis krenten uit als commentaar op de krenterigheid van Nederlanders. Demonstranten gingen de straat op met lege witte spandoeken nadat de burgemeester van Amsterdam de leuzen ‘Vrijheid van Meningsuiting’, ‘Democratie’ en ‘Recht op Demonstratie’ verboden had. De politie wist zich geen houding te geven, noemde de vreedzame acties ‘ernstige ordeverstoringen en arresteerde zowel Koster als de demonstranten. Speels bleven kunstenaars, hippies en provo’s steeds inspirerende acties initieren. Kenmerkend voor hun manier van doen was actiegericht handelen, op een positieve manier doelen nastreven en verbinding zoeken met anderen wat we nu netwerken noemen. Het zijn precies deze methodes die leiders vandaag de dag hanteren om hun doelen te realiseren.’
 

Kopiëren leidinggevenden van nu het gedrag van hippies?
‘Precies. Alleen met dat verschil dat de idealisten van toen als doel hadden: totale vrijheid van geest en handelen. Eigenlijk waren ze meer geïnteresseerd in het proces daar naartoe. Ze wilden uniciteit en authenticiteit beleven. De leider van nu die net als de hippie veel netwerkt en veel nieuwe initiatieven ontplooit streeft echter een ander doel na: winst maken. Het hele proces van innovatief en creatief bezig zijn is er nu op gericht een verkoopbaar product of dienst te realiseren. Hippies konden best commercieel handelen. Maar zodra ze geld verwierven staken ze dat direct in nieuwe kunstuitingen of het drukken van nieuwe pamfletten om zo weer een volgende actie op touw te zetten. Winst behalen was geen doel op zich.’


Is de vergelijking tussen een langharige hippie en een strak-in-het-pak gestoken manager van nu niet wat vergezocht?
‘De moderne leider behoort in feite tot de gevestigde orde waar de hippie destijds tegenaan schopte. Maar die gevestigde orde heeft gezien hoe de hippie van toen succes oogstte met zijn manier van doen. En dan is iets natuurlijk beter slim gejat dan zelf bedacht. Met name het taalgebruik wordt gekopieerd. Teksten van groeperingen als Cobra, de Vijftigers en Provo zijn soms letterlijk terug te vinden in managementboeken. Al zijn auteurs van dergelijke boeken zich vaak niet eens bewust dat frases als ‘Geloof in je eigen kracht’, ‘Wees authentiek’ en ‘Ontwikkel je talenten’ al heel lang meegaan.
 

Maar de hippies van toen waren toch geen leiders?
‘In zekere zin wel, ze hebben de tijdgeest sterk beïnvloed. Bovendien hadden ze hun eigen leider, zoals elke beweging of organisatie een leider kent. In het Nederland was dat dichter en schrijver Simon Vinkenoog. Hij had een prominente rol binnen hippie- en provobewegingen. Vinkenoog was een groot netwerker, bracht mensen uit verschillende hoeken met elkaar in contact. Allemaal eigenschappen die momenteel onmisbaar worden geacht bij leiders en managers. Vinkenoog had overigens helemaal niet de bedoeling om een sleutelfiguur te worden. Hij was zich op dat moment niet eens bewust van die rol. Evenmin is de moderne leider zich ervan bewust dat Vinkenoog zijn vroege rolmodel is. Die herkent zich niet direct in de protesttaal van de artistieke Vinkenoog. ’
 

Hebben de leiders van nu net zo veel succes met hun handelwijze als de hippies van toen?
‘Zeker. Niet voor niets zijn trainingen over inspirerend leiderschap zo in trek. Ik werk zelf als trainer en coach voor de Baak, een opleidings- en kennisinstituut op het gebied van leiderschap en ondernemersschap. Het draait daarbij om geloven in je eigen kracht, authenticiteit bevorderen, talenten ontwikkelen. Al begin ik een beetje moe te worden van al die termen.’
 

Moe? Hoezo?
‘Neem de term authentiek. Dat is een kernwaarde waarover elke leider moet beschikken. Maar omdat iedereen er de mond vol van heeft, devalueert zo’n term. Vervolgens zoeken we échte authenticiteit. Maar dan zeg je in feite: ‘onze leider moet écht echt zijn.’ Zo worden het loze kreten. De kunstenaars en hippies leken werkelijk te handelen vanuit authenticiteit om trouw te blijven aan zichzelf. Tegenwoordig lijkt het voldoende om authentiek over te komen. Dat wekt vertrouwen. Of een leider werkelijk authentiek handelt doet er niet toe. Om bij het voorbeeld van Rutte als modern leider te blijven, ik geloof niet dat de premier met originele ideeën en creatieve oplossingen komt. Maar het gebrek daaraan weet hij te verbergen met zijn uitstraling. Hij overtuigt door zijn performance.’
 

Je levert met je onderzoek in feite kritiek op het systeem waar je zelf deel van uitmaakt. Hoe zit dat?
‘Misschien lever ik wel op eenzelfde manier kritiek als de kunstenaars en hippies destijds op de gevestigde orde. Ik vind het in ieder geval wel leuk om mezelf en mijn omgeving een beetje wakker te schudden. Maar waar mijn bevindingen toe leiden? Dat zullen we op z’n vroegst pas over tien jaar weten.’

NB: Waar zijn of hij in algemene zin staat: lees zijn/haar